VAKANTIE - restantje Luxemburg
Grote posters langs de kademuur vermelden het 700-jarig bestaan van Vianden. Dat moet groots gevierd worden.
Door het hele dorp diverse kramen met allerlei lekkernijen, hebbedingen en ander onnodig gefrutsel en vanavond om 22:30h lasertoestanden plus groot vuurwerk, afgestoken vanaf het kasteel.
Het dorp loopt, kinderwagent, fietst, autoot, motort in de loop van de dag hartstikke bomvol. 35.000 mensen. Vanavond wordt het echt gezellig. Zou Victor Hugo dat ook gevonden hebben? Vast wel, de stiekeme snoeper:
In Vianden beleefde hij een nieuwe liefde met een jonge vrouw van achttien jaar, Marie Mercier, de gezellin van de slotenmaker Maurice Garreau, directeur van de gevangenis van Mazas. En op 11 augustus 1871 werd hier van de Franse dichter ook de eerste kies getrokken, nadat hij op14 juli de leiding nam bij een brand die een twaalftal huizen met strodaken in de benedenstad omvatte. Vandaar het VictorHugoMuseum dat in 1935 bij de brug werd ingericht.
(Het is maar dat je het weet)
Na het kabelbaanavontuur probeer ik mij met een boek te ontspannen op het hotelterras.
Om de twee meter opgehangen luidsprekers verhinderen dat echter. Behalve ik zei de gek is er volgens mij niemand die überhaupt dat geluid, of zo je wilt de muziek(?), hoort. De gemiddelde Hollander is van zichzelf al een luidspreker.
Ik word opgeschrikt door de aankomst van een nieuwe gast..... ZO lelijk! Hoe krijg je het voor elkaar je zo toe te takelen.
Dat HAAR alleen al! Is zij misschien de verdoemde geest van de overspelige Marie Mercier? Wel een stuk ouder geworden!
Na het diner storten we ons in het gewoel. Het heeft wel wat. Een soort Koninginnedaggevoel maar dan anders.
Lasmi koopt een kleurrijk elektrisch molentje voor ons jongste kleinkind. We passeren het Victor Hugo Hotel op de hoek rechts voor de brug. We voelen de geest van Victor, die op ons neerkijkt vanaf de eerste verdieping. Hier schreef de dichter een gedeelte van zijn bundel Het verschrikkelijke Jaar. Op de tweede etage staat nu, op het krappe balkonnetje, een oude jaarlijks terugkerende hotelgast, die zich het zicht op het feestgewoel ontnomen ziet door drie vlaggen vastgebonden aan zijn balkonhek. Ik hoor hem mopperen: "Wat een verschrikkelijk jaar van't jaar."
Het vuurwerk is een teleurstellend lachertje. Halverwege houden we het voor gezien
en gaan naar bed. Morgen Frankrijk, La Truchere (bij Tournus), zus, zwager, kinderen en kleine Sarah. Dan wordt de vakantie pas echt leuk. (Wordt vervolgd)