De verschillen tussen de nummers 47, 49 en 51 zijn schrijnend.
Zevenenveertig heeft indertijd zijn stinkende best gedaan het huis op te waarderen.
Voor een gezin met twee kinderen was het bij de aankoop al aan de kleinde kant.
De koopsom was er echter ook naar.
Vandaar dat Herr Grübel direct tot een prachtige verbouwing besloot.
Voor de koters een royale zolderkamer met Hollands puntdak.
En de gevel glad gestuukt, zoals hij dat 'im Schwarzach am Main' gewend was.
Inklusief een massief (weliswaar vurenhouten) deur, maar wel keurig en degelijk geschilderd.
Precies op het moment dat de aannemer begon, brak bij de buurman brand uit.
Ze waren sowieso al niet blij met die smeerpijpen. Vieze slorderbakken.
Aber dit deed de deur dicht. Gelukkig hadden zij zelf nauwelijks waterschade.
Maar toch, wat een ramp! Wat een woondegradatie.
Het staat er nog net zo als tien jaar geleden. Nooit wat aan gedaan. Unglaublich!
Herr Grübel weet het: Dat stel van 51 zal het worst wezen. Niet eens getrouwd.
Nog nooit een woord mee gewisseld. Hoewel ze toch een keurig voortuintje hebben.
De gevel modern fantasieloos wit gekalkt. Sauber. Dat wel.
Je ziet ze nooit. Laat op. Laat naar bed. 's Avonds vaak een hels kabaal in de achtertuin.
En dan ook nog dat rode stoplicht naast je deur. Rijke stinkerds in hun nieuwe koopflats
met garage-inrit. Ach, had ik maar...
De zielenpietenboompjes voor de deur zoeken schuchter troost bijelkaar.
---