JONGEMAN
Hij moet de trein halen van dertien over halfacht.
Dat is vrijwel elke morgen weer een race tegen de klok. De wekker staat op 7:00h.
Als hij ervan wakker wordt, gaat alles goed. Razendsnel, maar goed.
Hij roetsjt zijn kleren aan, holt de trap af, dendert op driehoog de keuken binnen, pakt het broodtrommeltje dat zijn moeder heeft klaargezet, vliegt weer omhoog en begint aan de circusact 'fiets-de-trap-af-rijden'. (Note: hoezó wassen?)
Hij grijpt de fiets bij het voorwiel, stuurt hem achterstevoren de trap af, beweegt hem handig de bochten door op de twee portalen van drie- en tweehoog en probeert op de twee laatste steile trappen iedere ochtend weer een nieuw record te vestigen; 'vrije val' kaarsrecht naar beneden.
De race naar het Centraal Station duurt tien minuten.
Hij kwakt de fiets in de grote stalling links van CS, spurt het station binnen, rent de trappen op naar perron 3 westzijde, waar helpende handen hem de trein in sleuren, die daarna gemiddeld tussen de 60 en 0 seconden vertrekt.
Als zijn vader geen tijd of zin had een lekke band voor hem te plakken, heeft hij een probleem. Moet hij met de tram. Dat is een ramp en gaat alleen maar goed door 5 minuten eerder op te staan om lijn 16 van tien over zeven te halen. Maar ja
daar vraag je wat.
Soms kan hij nog net op het achterbalkon springen. Vaker rent hij de longen uit zijn lijf naar de kruising Ferdinand Bol/Albert Cuypstraat, waar ook lijn 24 stopt en hij dus twee kansen heeft.
Eenmaal in het station kòmt het voor dat hij nog net de rijdende trein in kan duiken, maar meestal gaat het mis. Trein weg. En dat is heel vervelend.
Dan mis je het boemeltje in VelsenNoord, dat klaar staat om de forensen naar het Hoogoventerrein te rijden. Moet je een half uur lopen. Kom je ruim een uur te laat op het lab aankakken. "Heb je 'm weer gemist?!"
Op zondag haalt hij de schade in.
Tot ergernis van pa, die ma rond 12 uur met een natte spons naar boven stuurt, waardoor onder een straal koud water wakker gelijk 'gegeten en gedronken' wordt.
Maar op het werk gaat het goed, nou ja
er zijn opwindender dingen te bedenken dan de studie 'chemisch analist'. Zoals een revue schrijven, 'Chemie is Troef', daarvoor de rekwisieten maken, de hele handel instuderen met de mensen van het lab en de uitvoering regelen in het Kennemer-Theater in Beverwijk.
De recencies zijn uiterst wisselend, maar het publiek is tevreden, althans... afgaande op het applaus dat na elk nummer opklonk schrijft een plaatselijke krant.
Daarna volgt nog een veiligheidslied maken op de melodie 'Y a d'la joie' van Charles Trenet.
Het eerste couplet luidt: Als manlief gaat werken, verlaat hij zijn huis
Zijn bloedjes van kinderen, zijn vrouwtje incluis
Hij stapt op de fiets, gaat per bus of per trein
Maar haast u toch langzaam, gevaar kan er zijn.
Refrein. (5 coupletten)
Het lied wordt ingestudeerd met twintig meiden van het lab. Zijn dagboek vermeldt:
'De repetities verliepen in volkomen wanordelijk toestand. Volkomen knots! Het lied moest driemaal veranderd worden, alvorens de machinale laborantes het precies op de maat konden zingen. De stumpers!
Donderdag repeteerden we voor de tribune op het sportveld. Een bijna onoverkomelijke moeilijkheid bleken de bewegingen te zijn. De meeste dames hebben twee linkerbenen en handen'.
Aan het eind van dat jaar neemt hij ontslag. Moet in militaire dienst. Dat zal twee jaar duren.
Hoe het daarna verder moet is nog een groot raadsel.
---