AVOND
Voor het slapen gaan sta ik nog even frisse lucht te happen.
Het is bijna volle maan. Late thuiskomers rijden door de straat.
Meestal mannen alleen. Overgewerkt? Vreemdgegaan?
Met wat voor smoes komen ze thuis?
Overgewerkt! 't Was weer een gekkenhuis vandaag, schat.
Ze scheuren veel te hard over het verlaten woonerf. De SUV's rijden meestal
een straat verder. Naar de aanpalende kakbuurt.
Ah, daar heb je de buurman van twee huizen verderop.
Als ik hem goed inschat, kan hij 'm niet meer overeind krijgen.
Overgewerkt dus. Of overwerkt.
Een lange slungel laat zijn hond uit. Op de fiets. Aangelijnd huppelt het bruine kalf er
met 'n kwijlende bek achteraan. Probeert zijn baasje naar elk pispaaltje te trekken
dat ze passeren. Wordt ruw teruggetrokken. Vreemd, zo'n beest moet toch plassen?!
Je hoort hem denken stop nou even.
Verrek, die Landrover scheurt weer terug. Mocht hij er niet meer in?
De twee-huizen-verder-buurman heeft zijn licht laten branden.
Zeker te veel haast gehad om binnen te komen. Zal ik hem bellen?
Nee, daar heb je 'm al. Paft een sigaretje buiten. Om af te koelen.
Weer een hondenuitlater. Twee langharige zwarte snuffelaars.
De man loopt er verveeld bij. Iedere avond hetzelfde liedje.
"Jan, laat jij de hondjes nog even uit."
"Dat hoef je niet te vragen, mens. Doe ik toch wel." Sleur, sleur.
En als hij weer thuiskomt, ligt ze met een onappetijtelijk hoofd vol krulspelden in bed.
"Kom Jan, ik wil slapen."
Alleen schuin aan de overkant brandt in de slaapkamer nog een sfeervol schemerlampje.
Die hebben er kennelijk zin in.
Ik ga maar eens naar binnen. "Lief, ik ga naar bed."
---